Dit jaar teelt melkveehouder Joost van Eert voor het eerst groenten. Zonder kunstmest en chemische gewasbescherming, maar met veel aandacht voor bodem- en plantgezondheid. Zijn eerste seizoen laat zien wat er kan gebeuren als je niet bij ieder probleem meteen ingrijpt.
Van grasland naar groenteteelt
In Steenbergen runt Joost van Eert samen met zijn familie een biologisch melkveebedrijf dat al generaties meegaat. Zes jaar geleden schakelde hij over naar biologisch. Niet alleen vanuit overtuiging, maar ook vanuit nieuwsgierigheid: zou het ook anders kunnen?
Toen er vorig jaar grond vrijkwam, besloot Joost geen extra koeien te houden. In plaats daarvan begon hij samen met compagnon Victor Wensink een nieuwe tak: biologische groenteteelt. Op grond die acht jaar grasland was geweest, telen ze dit jaar voor het eerst knoflook, rode en witte kool en knolselderij.
"Als je die grond na acht jaar grasland gaat gebruiken, wil je de voordelen van die opgebouwde organische stof ook benutten."
De stap naar groenteteelt betekende ook dat Joost nieuwe kennis moest opdoen. Via zijn contacten met Urgenda en Meer Bomen Nu kwam hij bij de e-learning van de Regeneratieve Alliantie terecht. Vorig jaar volgde hij de cursus en afgelopen zomer bereidde hij de bodem voor met het verbouwen van groenbemesters en met de inzet van fermenten. 2026 is het eerste echte teeltjaar, waarin hij intensieve begeleiding van Dietmar Näser krijgt.
Niet meteen ingrijpen
De eerste resultaten zijn positief. De knoflook is inmiddels geoogst en groeide goed. Bij de kool en knolselderij ziet Joost tot nu toe hetzelfde beeld.
Een opvallend voorbeeld kwam in juli. De kool kreeg last van luizen. Het advies van een reguliere adviseur: waarschijnlijk spuiten met een toegelaten bio-middel.
Joost besloot eerst iets anders te proberen. Het was al 7 weken droog, waarbij de planten toch goed gegroeid waren en flinke wortels hadden gevormd. Maar de groei leek nu door de extreme droogte te stagneren. Hij bespoot het gewas met compostthee en micronutriënten voor een vitale plant. Daarna beregende hij om de luizen af te spoelen en de groei en mineralisatie weer op gang te brengen. Daarna wachtte hij af.
Een week later waren de luizen verdwenen. Er bleken volop sluipwespen aanwezig die de eitjes van de luizen hadden geparasiteerd. Een bespuiting was niet nodig.
Voor Joost zit daar een belangrijk onderdeel van regeneratief werken in: zorgen dat de plant zo vitaal mogelijk is, goed monitoren en niet automatisch ingrijpen.
"Een gezonde plant is een weerbare plant."
Minder stikstof dan geadviseerd
Ook bij de bemesting koos Joost een andere route. Kool is een gewas met een hoge stikstofbehoefte en hij kreeg het advies om flink bij te bemesten. Alleen groeide de kool zo snel dat hij de biologische mestkorrels niet meer kon strooien voordat het gewas dicht stond.
Hij besloot het zonder extra stikstofgift te proberen.
Bladsapanalyses laten inmiddels zien dat de stikstofopname van de planten ruim voldoende is. Volgens Joost gebruikt hij daardoor ongeveer 100 kilo zuivere stikstof minder dan het standaardadvies.
Dat kan ook financieel verschil maken. Als hij de mestkorrels had gestrooid, zou dat ongeveer €800 per hectare hebben gekost. Met een eventuele insecticidebehandeling erbij schat hij de besparing op ongeveer €1.900 per hectare.
Tegelijkertijd plaatst Joost daar zelf een belangrijke kanttekening bij. De grond was acht jaar grasland en had daardoor al een goede uitgangspositie. En het seizoen is nog niet voorbij.
Geen eenvoudig recept
Regeneratief werken betekent volgens Joost dan ook niet dat je alle problemen zomaar voorkomt. De aanpak vraagt kennis, experimenteren en investeren. Fermenten en andere behandelingen zijn niet goedkoop en je betaalt soms leergeld.
Voor intensieve bedrijven kan de omschakeling bovendien lastig zijn. Wie een strak bouwplan heeft, hoge vaste lasten en weinig ruimte voor rustgewassen, kan niet zomaar andere keuzes maken.
Joost ziet daarom ook kansen in samenwerking. Een intensief akkerbouwbedrijf zou bijvoorbeeld kunnen samenwerken met een extensiever veebedrijf, zodat er meer ruimte komt voor een ruimere vruchtwisseling en herstel van de bodem.
Voor Joost begint het vooral met anders kijken: eerst begrijpen wat er op het land gebeurt, dan pas beslissen wat je moet doen.
"De dingen die in de cursus worden beschreven, zien we ook echt terug."
Zijn eigen eerste seizoen is nog lang geen bewijs dat één aanpak overal werkt. Maar de eerste ervaringen geven hem vertrouwen.
Ontdek regeneratieve landbouw in de praktijk
Wil jij ook aan de slag met regeneratieve teelt? Bekijk ons cursusaanbod en leer hoe je bodem- en plantgezondheid centraal stelt in jouw bedrijfsvoering.