← Terug naar nieuws

7 oktober 2026 · Regeneratieve Alliantie

“Dan kom je vanzelf in een stroming terecht": Edwin Tijs over vijf jaar regeneratief boeren en een lang voortraject

edwin tijs

Twaalf jaar geleden hoorde varkenshouder Edwin Tijs in een studiegroep voor het eerst over een vitalizer. Het ene experiment leidde tot het volgende, en uiteindelijk tot de cursus regeneratieve landbouw. Het ging niet in één keer goed. “Na het eerste cursusjaar snapte ik er helemaal niks van.”

Stap voor stap

Het begon met een avond in een studiegroep. Edwin hoorde daar over een vitalizer, een apparaat waarmee water hersteld kan worden in de oorspronkelijke structuur, en ging ermee experimenteren. Daarna kwam gefermenteerd voer, eerst gedroogd en later vloeibaar, met micro-organismen. Een vooropgezet plan was er niet; het ene experiment bracht hem bij het volgende.

Zo’n acht jaar geleden kwam er ook bokashi. Inmiddels maakt hij er elk jaar zo’n 400 ton van, dat vlak voor de grondbewerking het land op gaat, samen met een kleine hoeveelheid drijfmest.

Pas later kwam de term regeneratieve landbouw in beeld en schreef Edwin zich in voor de cursus. Het eerste jaar leverde vooral verwarring op: zo ingewikkeld, zoveel informatie tegelijk, en dan nog de vraag hoe je dat op je eigen bedrijf handen en voeten geeft. Wie de cursus nu voor het eerst doet, zegt hij, zal het herkennen.

Toch zag hij er iets in. Hij deed de cursus opnieuw en puzzelstukjes vielen op z’n plek.

Daarna kwam er intensieve begeleiding op zijn bedrijf samen met Dietmar Näser. Wat veranderde was vooral de manier waarop hij naar zijn percelen keek. Wat zie je? Wat zegt dat over de bodem? En wat doe je er vervolgens mee? Dat kijken is inmiddels een belangrijk onderdeel van zijn manier van boeren.

 

WhatsApp Image 2026-09-30 at 09.21.24 (3)
Edwin met Dietmar en Arjan op het land

Het gaat om de balans

Dat zijn gewassen daardoor opeens beter zijn gaan groeien, beweert Edwin niet. “Ik heb net zo goed een mislukte oogst gehad als mijn buurman. Als de oogst kleiner is dan verwacht, dan is dat hier ook zo.” Ook in zijn inkomsten ziet hij geen verschil, er zijn serieuze investeringen gedaan. De verandering zit voor nu nog in de bodem.

In 2022 liet Edwin een bodemscan maken van al zijn percelen en grondmonsters op vele plekken; diezelfde plekken zijn in 2024 en 2026 opnieuw bemonsterd. Het eerste jaar na de nulmeting ging de bodem op sommige punten achteruit, maar nu, in 2026, ziet hij herstel. “Je ziet een betere balans in de bodem en een duidelijke stijging van het humusgehalte.”

“Je ziet een betere balans in de bodem en een duidelijke stijging van het humusgehalte.”

Het gaat hem niet om het zo hoog mogelijk krijgen van één mineraal, maar om de balans tussen de elementen. “Het bodemleven is niet gebaat bij torenhoge aantallen mineralen van dit en hele lage van dat. Het functioneert het beste op het moment dat de mineralen goed in balans zijn.”

Diezelfde gedachte ziet hij terug in zijn stallen. Ook daar werkt het niet om één voedingsstof steeds verder op te voeren; het gaat om de balans in het geheel.

De huidige manier van boeren noemt hij daarom ‘koevoetlandbouw’: steeds meer druk zetten op grond, dieren of gewas om een bepaald resultaat te halen, met buigen en wrikken tegen de natuur in je resultaat proberen te halen. “Dat werkt altijd tegen je, de natuur is veel sterker dan wij zijn.”

Minder forceren

De regeneratieve weg is niet per se eenvoudiger, zegt Edwin. Wel vraagt dit om aandacht voor de processen die in de bodem gebeuren en de mogelijkheden die op het bedrijf aanwezig zijn. Gaan die beter functioneren, dan hoeft de boer minder te forceren, en wordt een gewas weerbaarder tegen plagen, ziekten en weersextremen.

Hoe dat precies werkt, is hem nog niet allemaal duidelijk. “Nu is het nog minimaal en zijn we heel veel aan het experimenteren, kennis aan het opdoen en van elkaar aan het leren.”

Daar zit meteen een van de grootste obstakels. Kennis opdoen kost tijd en uitzoeken wat daarvan op het eigen bedrijf werkt nog meer. Bedrijven met weinig financiële ruimte hebben die mogelijkheid niet altijd. Subsidies sluiten bovendien niet altijd aan bij de manier waarop boeren willen veranderen.

Gewoon beginnen

Zelf gaat hij verder. Volgende week staat alweer een nieuwe stap gepland: compost-extract. Niet omdat hij precies weet waar hij uitkomt, wel omdat hij inmiddels weet welke kant hij op wil. “Dat is de juiste kant, die richting wil ik op: de bodem beter maken. Dan gaat het hele bedrijf beter.”

Voor boeren die zich afvragen waar ze moeten beginnen, heeft Edwin geen ingewikkeld stappenplan. Eerst kennis opdoen met de cursus. Leren kijken. En dan beginnen in kleine stapjes.

“Je moet in ieder geval een begin maken. Dan kom je vanzelf in een stroming terecht.”


Ontdek regeneratieve landbouw in de praktijk

Wil jij ook aan de slag met regeneratieve teelt? Bekijk ons cursusaanbod en leer hoe je bodem- en plantgezondheid centraal stelt in jouw bedrijfsvoering.